De loopplank verbindt kant noch wal
ze ligt daar maar
zwaar en onverlegbaar in een plas.
De haven is verlaten.
Het is wachten.
Tot de lente komt
en de zon haar stralen
ment,
die de winter doen
bezwijken.
Een barst in het ijs:
een plas,
geen plas,
een plank.
Maar niet onaangetast.
Teveel over-gelopen.
Dag Suzanne, 't is echt lag geleden, maar de moeite waard.
BeantwoordenVerwijderenToffe versjes! Verder zo!
Liefs,
Nadja